Op safari naar Ndutu (deel 1)

Hallo, daar ben ik weer! Ik weet dat ik al een tijdje niet aan ons weblog heb gewerkt en ik dacht dat het weer eens tijd werd voor een nieuwe blog post. Dit keer gaat het over een safari in mei 2015, naar Ndutu. Familie van ons, Henrike en Nathan, waren toen bij ons, en we gingen met z’n allen op safari. Hier is een kaartje waarop Ndutu te zien is (bij het witte driehoekje):

ndutu-kaart

De reis naar Ngorongoro National Park is ca. 4 uur. Gedurende de reis zijn er heel weinig/geen wilde dieren te zien. Er zijn wel grote kuddes schapen, geiten en koeien te zien, die eigendom van de Maasai zijn.

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Eenmaal aangekomen in het park, zien we meteen dieren (buffels) en overnachten we in een prachtige lodge. De volgende ochtend vertrekken we met een lange reis voor de boeg, dwars door het park.

De volgende dag vertrekken we met de auto, en we zijn al een tijdje onderweg als de mist eindelijk helemaal is opgetrokken. Dan komen ook de dieren tevoorschijn.

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

We verlaten het op hoogte gelegen gebied rond de Ngorongoro Crater, en vervolgen de reis door een droog, eenzaam land. Hier groeit weinig, dus zijn dieren er vaak schaars, maar we zagen er toch wel aardig wat…

Rond het middaguur komen we aan op een van de meest befaamde plekken in Ngorongoro Conservation Area: de Olduvai Gorge… Hier zijn resten gevonden door Louis en Mary Leakey van prehistorische mensen die ca. 1.9 miljoen jaar geleden leefden! Tegenwoordig is er een museum en een lunchplek. De Olduvai Gorge is niet alleen een populaire plek voor touristen maar ook voor vogeltjes, vleermuizen en hagedissen…

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Als het gras weer een beetje groener word, stuiten we op de Grote Trek van de gnoes, zebra’s en gazelles. Er zijn overal dieren! Als het droge seizoen langzamerhand plaats maakt voor het natte seizoen trekken zo’n 1.7 miljoen gnoes en honderdduizenden zebra’s en gazelles van Tarangire National Park, waar de enige waterplek is die groot genoeg is om zoveel dieren met water te voorzien tijdens het droge seizoen, naar de Serengeti, waar nu het gras weer op volle gang gaat groeien.

Dan komen we in de buurt van Lake Ndutu, en het word meteen groener. Hier eindigt dan ook onze reis, en we kunnen genieten van een prachtige zonsondergang…

dsc_0594

 

De bloemen van Maua Sisters

Maua Sisters is een klooster aan de rand van de Kilimanjaro, de hoogste berg in Afrika. Als je er bent hoor je vaak gezang van de nonnen in de kerk. Er is ook een prachtig slaap- en leefgedeelte voor gasten bij de Maua Sisters. We zijn daar nu al een paar keer een weekend geweest. ‘Maua’ betekent bloemen in Swahili, daarom zijn er ook veel bloemen:

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

 

 

Onze eerste safari in Tarangire Nationaal Park

Op safari! In april 2013 gingen we voor het eerst naar Tarangire Nationaal Park, een bekend park in Tanzania. Je gaat op safari om dingen te zien, dus vooral veel foto’s.

Tarangire staat bekend om zijn vele olifanten:

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Er zijn ook veel baobabs in Tarangire:

DSC_0025

Deze rivier, de Tarangire River, zorgt ervoor dat er het hele jaar rond leven is in het park, omdat er altijd water in staat:

DSC_0045

 

Vogels op de savanne:

Aan het eind van de dag komt de Mt. Meru, een slapende vulkaan, tevoorschijn:

DSC_0131

Als we bij de lodge aankomen maken we daar een prachtige zonsondergang mee:

DSC_0155

We staan de volgende dag vroeg op om van de ochtend te genieten:

Als we weer op pad gaan zien we een paar prachtige vogels op de brug:

Deze slideshow heeft JavaScript nodig.

Opeens zien we een grote familie giraffes opdoemen uit het struikgewas:

DSC_0250

Deze leguaan ligt stilletjes op een steen te zonnebaden:

DSC_0254

Aan het eind van de dag zegt deze Waterbok ons gedag, en verlaten we het park.

DSC_0278

Nieuwe editor

Ruim 10 jaar geleden, in oktober 2005, begonnen wij dit weblog, een maand voordat we naar Peru vertrokken. Leon was toen net 1 jaar oud. Na 7 jaar Peru wonen we alweer ruim drie jaar in Tanzania en nu neemt Leon het stokje over. Hij zal vanaf nu schrijven voor het Veenwolfjes weblog!

Leon

Zomaar een straat in Afrika…

Vandaag nemen wij je mee naar onze straat, zomaar ergens in Afrika. Wij wonen aan het einde van een stoffige hobbelweg, waar altijd veel te zien is. Daarom weinig woorden dit keer, maar vooral veel plaatjes.

Vanaf de geasfalteerde hoofdweg rijden we met deze stoere Landrover zo onze hobbelige weg op.

Het is soms een beetje krapjes. Maar het komt altijd goed…

In onze straat wordt vanalles verkocht. De slager doet hier goede zaken.

Je kunt allerlei dingen van staal laten maken bij deze ‘work shop’.

Voor verse groenten en fruit kun je bij deze dames terecht.

Deze visjes lijken wat minder vers…

Een zware last draag je het beste op je hoofd.

De concurrentie is moordend. Zoveel kleine winkeltjes!

O kijk, daar loopt Leon!

11. Kapper

Misschien nog even naar de kapper, Leon?

Bijna thuis nu…

13. Thuis

En daar zijn we dan. Welkom!

In Tanzania!

Het is nu drie weken geleden dat we aankwamen in Tanzania. Tijd voor een verslag.

Na een vlucht van ruim 8 uur kwamen we aan op Kilimanjaro International Airport. Helaas was het toen al donker, dus we hebben niet veel van de omgeving gezien tijdens de autorit naar Arusha (zo’n 50 km van het vliegveld). We konden nog nét de besneeuwde top van de Kilimanjaro in het maanlicht onderscheiden.

In Arusha werden we naar ons hotel gebracht, of eigenlijk een Lodge – de Ilboru Safari Lodge. Een prachtige plek aan het eind van een lange, hobbelige weg. We hadden daar een huisje in een tuin vol bomen en bloeiende planten. Er is ook een zwembad en een goed restaurant bij. De eigenaar, Ad, is een Nederlander, en dat zie je onder andere terug in de menukaart. Er staan gerechten op als bitterballen, uitsmijters en babi pangang.

Hoe heerlijk het ook was in de Lodge, we zijn er na een week toch weer weg gegaan. Het is toch niet ideaal om met een gezin van 5 personen in een huisje met slechts twee slaapkamers te leven, zonder woonkamer of keuken. En ondertussen had Ad weer van iemand gehoord dat er in de buurt een gemeubileerd huis te huur was voor de maand december. Hij tipte ons en wij zijn er gaan kijken. Het is in dezelfde straat, ongeveer een kilometer verderop. Het zag er erg goed uit en zeer volledig ingericht (tot en met lakens, handdoeken en alles wat je maar nodig hebt in de keuken). En daar zitten we nu dus! Vanaf januari komt het huis dat we voor langere tijd gaan huren vrij. Dan verhuizen we feitelijk weer terug, want dat huis is op het terrein van de Lodge. Het heeft wel een eigen ingang en is met een heg afgescheiden van het hotelgedeelte. Dat huis is níet gemeubileerd, dus we hopen dat onze spullen (die nog onderweg zijn in een container) dan niet te lang meer op zich laten wachten.

Nu we een ‘eigen’ huis hebben, moeten we ook meer voor onszelf zorgen. Boodschappen doen, eten koken, schoonmaken, kleren wassen, etc. Dit soort eenvoudige zaken zijn nog helemaal niet zo makkelijk in een totaal onbekende omgeving. De vrouw van de Nederlandse collega van Martijn had me al een keer rondgereden door de stad om te laten zien waar de supermarkten en andere winkels waren. Maar om zelf boodschappen te gaan doen is nog een hele uitdaging. We hadden tot voor kort geen eigen auto en het verkeer is bovendien hectisch. En iedereen rijdt links! Dus boodschappen deed ik tot nu toe met een taxichauffeur, die me de hele stad rond reed om bij verschillende winkels de noodzakelijke inkopen te doen. Want er is niet één winkel die alles heeft. En als je het écht goed wil doen, koop je je groenten en fruit op de markt. Maar daar spreek ik nog niet genoeg Swahili voor en bovendien moet je dan flink kunnen onderhandelen, anders betaal je alsnog veel te veel.

En ondertussen gaan Leon en Malou alweer twee weken naar school, de International School Moshi (Arusha Campus). De eerste dag hebben we ze nog gebracht en gehaald, maar vanaf dag 2 gaan ze al met een busje. Een Nederlands-Rwandees meisje van 5 jaar, die ze in de Lodge al hadden leren kennen, gaat ook met dat busje, dus Leon en Malou vonden het prima om met haar mee te gaan. De school ligt een eindje buiten de stad, ruim 20 minuten rijden vanaf ons huis (als het verkeer meezit). Het is een hele mooie school, op een groot en groen terrein. Het is allemaal laagbouw en heel ruim opgezet. Er is een ‘kleuterklas’ voor kinderen van 3-5 jaar en dan heb je nog de lagere school en de middelbare school. De klassen zijn niet erg groot (20-25 kinderen) en er is buiten heel veel ruimte om te spelen en te sporten. De lagere school (Primary) bestaat uit P1 (voor kinderen van 5 jaar), P2/3 (de klas van Malou, voor kinderen van 6 en 7 jaar), P3/4 (de klas van Leon, voor 7 en 8 jarigen) en P5/6, de hoogste twee klassen. De manier van onderwijs geven is niet zoals op de meeste scholen in Nederland, maar het is ook niet te vergelijken met alternatieve vormen van onderwijs, zoals Dalton of Montessori. Het is een heel eigen manier van onderwijs geven, specifiek ontwikkeld voor dit type Internationale Scholen. Het meest kenmerkende is dat er gewerkt wordt met ‘Units of Inquiry’. Dat betekent dat er elke 6 weken een thema centraal staat, waar alle lessen omheen gebouwd worden. Alleen rekenen en taal staan min of meer op zichzelf. Maar vakken als aardrijkskunde, geschiedenis, natuur & techniek en dergelijke worden niet als vak op zich gegeven, maar komen terug in de behandeling van het thema. In de klas van Leon zijn ze op dit moment bezig met allerlei experimenten, onder het thema ‘The behaviors and uses of materials are determined by their properties’. Volgende week gaat de klas van Leon een aantal van deze experimenten aan de ouders presenteren, als afsluiting van het thema.

In de klas van Malou is het thema ‘Celebrations’. Het gaat dan over de manier waarop mensen dingen vieren, in verschillende culturen.

Leon en Malou vinden het erg leuk om naar school te gaan. Ze moeten er vroeg voor opstaan (de school begint om 8 uur), maar dat is geen bezwaar. Ze lijken vrij snel aan het Engels te wennen. Ze worden daar ook bij geholpen, want op de momenten dat er in de klas Frans of Swahili wordt gegeven (een paar keer per week), gaan zij de klas uit om met een speciale juf aan hun Engels te werken. Volgens deze juf doen ze het erg goed en leren ze snel.

Naast de lessen in de klas hebben ze ook nog 2 keer in de week sport én één keer in de week zwemmen (de school heeft grote sportvelden en een zwembad).

Eenmaal thuis moet er nog wel huiswerk gemaakt worden, maar gelukkig is het niet veel. Ze krijgen elke dag boekjes mee naar huis om zelf te lezen (de school barst echt van de leesboeken, in alle klaslokalen staat het er vol mee en dan is er ook nog een vrij grote bibliotheek, geweldig!). Daarnaast krijgen ze elke maandag opdrachten mee die aan het eind van de week af moeten zijn. Met een beetje stimulering van mijn kant lukt het meestal wel om dat af te krijgen.

Er is natuurlijk nog veel meer te vertellen, maar dat komt de volgende keer!